11 juli –Voor een sociaal en soeverein Vlaanderen in een ander, vrij Europa

11 juli is meer dan een historische herdenking. Het is de herinnering dat een volk, een natie het recht heeft zijn eigen toekomst te bepalen. De Guldensporenslag leeft voort als symbool van volksverzet tegen overheersing en van de overtuiging dat politieke macht haar legitimiteit ontleent aan de gemeenschap zelf, niet aan buitenlandse machthebbers of bevoorrechte elites.

Ook vandaag blijft die boodschap actueel. Steeds meer Vlamingen ervaren dat het neoliberale beleid van opeenvolgende Vlaamse én federale regeringen de sociale bescherming afbouwt, de openbare diensten uitholt, de wooncrisis verdiept en de macht van multinationals en financiële belangen verder versterkt. De Vlaamse autonomie heeft onder dat beleid niet geleid tot meer democratische zeggenschap van de bevolking, maar werd gebruikt om hetzelfde economische model efficiënter uit te voeren en de levensduur van de Belgische staat te verlengen. Reformisme leidt nooit tot duurzame politieke oplossingen.

Daarom groeit bij een deel van de bevolking opnieuw de discussie over herfederalisering van bepaalde bevoegdheden. Dat ongenoegen is begrijpelijk. Wanneer regionalisering uitsluitend dient om hetzelfde neoliberale beleid uit te voeren, wordt het duidelijk dat institutionele hervormingen geen emancipatorische betekenis hebben maar slechts tot stand kwamen om het status quo te versterken.

De fundamentele vraag is niet hoeveel bevoegdheden Vlaanderen of België bezit. De werkelijke vraag is: in wiens belang wordt de macht uitgeoefend?

Een neoliberaal federaal België is geen alternatief voor een neoliberaal Vlaanderen. Een socialistisch België kan -de reformistische PVDA ten spijt- nooit ontstaan omdat het rechtstreeks ingaat tegen de bestaansreden van de Belgische staatsconstructie. Evenmin biedt een verdere staatshervorming een antwoord zolang dezelfde economische elites de politieke agenda blijven bepalen. Voor de Zannekinbond is volkssoevereiniteit daarom onlosmakelijk verbonden met sociale soevereiniteit. Zelfbeschikking betekent niet alleen dat een volk zijn eigen instellingen beheert, maar ook dat de werkende bevolking opnieuw democratische controle verwerft over strategische sectoren, energie, mobiliteit, financiële instellingen en natuurlijke rijkdommen.

Daarom verwerpen wij zowel het neoliberalisme als de vazallenpositie waarin België zich internationaal bevindt. De aanwezigheid van Amerikaanse kernwapens op ons grondgebied, de verregaande militaire integratie binnen de NAVO en de structurele afstemming van het Belgische veiligheidsbeleid op dat van Washington tonen aan dat België slechts beperkt zelfstandig zijn geopolitieke koers bepaalt. Zowel de burgerlijke als de uiterst-rechtse Vlaams-nationale partijpolitiek werkt bewust mee aan de remilitarisering van België. Een volk, een natie kan moeilijk volledig soeverein zijn wanneer fundamentele veiligheidskeuzes grotendeels worden ingebed in de strategie van het Amerikaans imperialisme.

Net daarom volstaat het niet België te hervormen of Vlaanderen verder te regionaliseren. Nodig is een democratische breuk met een economisch model waarin financiële markten, internationale monopolies en geopolitieke afhankelijkheid zwaarder doorwegen dan de wil van de bevolking.

De Vlaamse ontvoogdingsstrijd kan en moet opnieuw een volksbeweging worden. Niet als een strijd tussen Vlamingen en Walen of een strijd “tegen de islam”, maar als een strijd van de werkende bevolking tegen neoliberalisme, sociale afbraak en buitenlandse afhankelijkheid. Geen concurrentie tussen Vlamingen en Walen, maar solidariteit tussen alle werkenden die hun democratische zeggenschap willen heroveren tegen de machtselite in Brussel, haar staatsconstructie en haar internationale verworteling in het Atlantisme.

Een werkelijk vrij Vlaanderen is daarom geen doel op zich, maar een middel om een samenleving op te bouwen waarin economie opnieuw ten dienste staat van de gemeenschap, publieke dienstverlening en nationale ontwikkeling voorrang krijgen op winstmaximalisatie en internationale samenwerking gebaseerd is op gelijkwaardigheid in plaats van ondergeschiktheid.

De noodzakelijke politieke strijd beperkt zich niet tot het nationale niveau. België heeft zich gedurende decennia ontwikkeld tot een staat waarvan de politieke, militaire en diplomatieke elites hun toekomst vrijwel uitsluitend zoeken binnen de Atlantische machtsorde en in tweede instantie een ondergeschiktheid aan Frankrijk. In plaats van een onafhankelijke Europese koers te verdedigen, kiest men haast vanzelfsprekend voor aansluiting bij de geopolitieke prioriteiten van Washington en Parijs.

Voor ons ligt de toekomst elders.

“Om iets te zijn moeten wij Vlamingen zijn. Wij willen Vlamingen zijn, om Europeërs te worden.”
(August Vermeylen ‘Vlaamsche en Europeesche Beweging’)

Niet in een Europa dat een verlengstuk blijft van Amerikaanse strategische belangen, maar in een zelfstandig Europa dat opnieuw zijn plaats vindt binnen de bredere Euraziatische ruimte. Geen op westers-liberale leest geschoeide EU maar een Europa dat samenwerkt met alle volkeren van het continent op basis van wederzijds respect, economische complementariteit en vreedzame ontwikkeling, zonder zich te onderwerpen aan het westers imperialisme.

De economische zwaartepunten van de wereld verschuiven steeds meer naar Azië met socialistisch China in een centrale rol. De opkomst van nieuwe industriële centra, handelscorridors en technologische samenwerking in Eurazië toont aan dat de eenentwintigste eeuw niet langer door de Atlantische wereld zal worden bepaald. Vlaanderen mag zich door België en haar machtselite niet laten opsluiten in een geopolitiek model dat economische afhankelijkheid, sanctiepolitiek en permanente militaire confrontatie normaliseert om een oude wereld in stand te houden. Wij kiezen daarom voor een ander Europa: een Europa van soevereine volkeren, sociale rechtvaardigheid en strategische onafhankelijkheid. Een Europa dat bruggen bouwt met het oosten in plaats van nieuwe scheidslijnen via mijnenvelden en prikkeldraad tegen Rusland op te trekken. Een Europa dat zijn eigen werkende klasse en haar belangen verdedigt en samenwerking zoekt met alle staten die bereid zijn elkaar als gelijken te behandelen. Door Trump en zijn in België gestationeerde knecht Bill White is het ondertussen voor de meerderheid van de Vlaamse en Waalse werkende klasse duidelijk geworden dat dit niet mogelijk is binnen het westers pro-Amerikaans kamp. Een sociaal en soeverein Vlaanderen hoort thuis in een ander Europa. Niet als periferie van een Atlantisch imperium, maar als een vrije republiek die haar eigen keuzes maakt, haar economie ontwikkelt in het belang van haar werkende bevolking en internationale samenwerking opbouwt vanuit gelijkwaardigheid en wederzijds voordeel.

Op deze Vlaamse strijddag kiezen wij daarom niet voor symboliek alleen. Het is bijvoorbeeld ronduit hypocriet vanwege N-VA om op te roepen tot bevlagging met leeuwenvlaggen terwijl haar politici op diverse niveaus meewerken aan de versterking van de Belgische staat en haar repressieapparaat. Wij kiezen voor een Vlaanderen dat sociale rechtvaardigheid koppelt aan de eis tot nationale soevereiniteit. Een Vlaanderen dat niet langer bereid is ook maar één euro te spenderen aan de militaire heropbouw van Navo-België. Een Vlaanderen dat niet ondergeschikt is aan financiële elites, niet onderdanig is aan de USA en niet gevangen blijft in achterhaalde neoliberale recepten.

Zonder volkssoevereiniteit is nationale vrijheid leeg. Zonder sociale rechtvaardigheid blijft nationale onafhankelijkheid een belofte zonder inhoud. Voor een sociaal, volksdemocratisch en soeverein Vlaanderen.

De toekomst behoort niet toe aan vazallen, maar aan volkeren en naties die opnieuw baas worden over hun eigen bestemming. Voor een Vlaanderen waarin de gemeenschap beslist over haar eigen toekomst.