Waarom economie streeft naar het verdwijnen van het gezin

De boodschap is moeilijk door te geven. Het geweten wordt op grote schaal gecontroleerd door de consensusindustrie, die als enige doel heeft de dominante opinie te versterken. En toch, is het niet minder noodzakelijk om hierop door te gaan. Het aandringen, zei Adorno, zou de figuur van de filosofie moeten zijn. Daarom “staan” wij erop dat wij erop wijzen dat het huidige proces van desintegratie van gezinnen niets “emancipatorisch” heeft, tenzij dit bijvoeglijk naamwoord verwijst naar de kapitalistische markteconomie; die ernaar streeft elke persoon uit de familie te bevrijden om ons leven nog massaler te domineren.

Als het gezin door zijn eigen aard en stabiliteit, emotioneel en sentimenteel, biologisch en werkend is, in Hegeliaanse zin de basis van “ethisch handelen” is, dan is de vernietiging ervan volledig consistent met het huidige proces van onzekerheid van levens die meedogenloos door de neoliberale orde worden geleid. Het is niet moeilijk te begrijpen.

Bovendien vermindert alleen het gezin, waar het nog steeds bestaat, de onzekerheid en de gevolgen van die onzekerheid, waardoor garanties, bescherming en stabiliteit worden geboden aan de intermitterend werkende persoon, en positioneert zichzelf als een plaats waar gemeenschapszin en solidariteit heerst die geen verband houdt met competitief egoïsme.

De neoliberale vernietiging van de verzorgingsstaat gaat dan, samen met de bijhorende moraal, gepaard met de agressie – vooral ideologisch – ten nadele van de familie-instelling, in naam van het volledig precair maken van het bestaan en te ontdoen van elke ethiek. Zodat het ontwortelde individu volledig alleen blijft en overgeleverd is aan de wetten van universele concurrentie, slechts een ontwortelde consument, zonder identiteit en zonder geschiedenis, zonder wortels en zonder projecten.

Het is alleen in dit opzicht dat je de werkelijke reikwijdte kan begrijpen van de agressie die vandaag vast te stellen is tegen het gezin als plaats van burgerlijke ethische stabiliteit, als zijnde een op de vernietigende werking van het kapitalisme inspelende kracht. Het is een proces van desintegratie van de symbolische veronderstellingen van het gezin, niet in het minst zijn opvoedkundige waarde, sociale betekenis en zijn functie van solidariteit en natuurlijke “welvaartsstaat”, als structuur van verantwoordelijkheid en gastvrijheid.

De “verdamping van de vaderfiguur” (zie Jacques Lacan) die typerend is voor het oedipale kapitalisme, is daarom van nature gelijklopend met de vernietiging van het gezin, kaderend in de triomf van de ontwikkeling van de samenleving met een niet-sociale gezelligheid en een geavanceerd kapitalisme, waarin het autocratische en autistische individu acteert als consument en als object van totale manipulatie.

Het gezin als model van ethische stabiliteit was ten gronde een waarde die net zozeer verbonden was aan de burgerlijke gemeenschapsethiek alsook aan het gemeenschapsverbonden type van proletarische aard. Het vormde één van de figuren van de ethiek van de dialectische fase. Tussen de burgerij en het proletariaat werd het conflict over deze kwestie niet zozeer gegeven in termen van de burgerlijke verdediging van het gezin of de vermeende proletarische ontkenning ervan, maar eerder in de vorm van een wedstrijd, die betrekking had op welke van de twee gebieden en welke van de twee politieke referentiegebieden echt in staat is om de gezinsethiek te beschermen.

De overgang naar wat ik in mijn studie ‘Minima Mercatalia – Filosofie en kapitalisme’ de “absolute fase” van het kapitalisme noemde, zijnde post-burgerlijk, post-proletarisch en ultra-kapitalistisch, is gebaseerd op het afwijzen van stabiliteit, zelfs in zijn vertrouwde vorm, en vervangen door de omnilaterale flexibiliteit. Deze is op haar beurt gebaseerd op de vervanging van de stabiele, met sentiment geladen familiekern door het atomisme van kwetsbare en ontwortelde enkelingen.

De vernietiging in marktstijl van het gezin wordt ook geproduceerd door de permanente idealisatie, begunstigd door televisieshows en journalistieke tijdschriften, van de jonge en ontwortelde enkeling ,zowel homoseksueel als heteroseksueel, zelfs als ze niet ethisch handelen of een onbekende zijn. Vergeleken met de jaren vijftig en zestig heeft de transseksueel de gezinsvader vervangen als een bevoorrecht mediaparadigma en is deze het embleem geworden van een dergelijke radicale flexibiliteit om het naakte, pure leven en zijn biologische element te verbouwen.

Degenen die zich vandaag tegen het gezin kanten, denkend ze progressief zijn, zullen nooit beseffen dat ze werken voor de Koning van Pruisen, voor Mijnheer het Kapitaal?”

******************
Orig. artikel gepubliceerd door de Italiaanse filosoof Diego Fusaro
Bron: https://www.ilfattoquotidiano.it/2016/02/03/perche-leconomia-aspira-a-dissolvere-la-famiglia/2429932/